Support

Uit de kast komen met hiv vergt een gedegen voorbereiding. Hoe vertel je aan je dierbaren dat je hiv hebt? Hoe reageer je op een vriend(in) die je vertelt dat hij of zij hiv heeft?

Kies één van de onderstaande opties voor meer informatie:

Of je uit de kast komt met hiv is iets dat je altijd zelf bepaalt. Niemand kan je dwingen om tegen anderen te vertellen dat je hiv hebt. Het is een persoonlijk besluit waarover je zelf de regie hebt.

Het niet vertellen zorgt ervoor dat je een geheim met je meedraagt. Een geheim dat na een tijdje een steeds grotere last kan worden. Je moet je hiv-medicatie stiekem nemen zodat niemand het ziet, smoesje verzinnen voor een bezoek aan de arts, altijd opletten wat je tegen wie zegt en je kunt geen luisterend oor of steun vinden bij een vriend, als hij niet weet dat je hiv hebt.

Je moet er klaar voor zijn, maar open zijn over je hiv kan erg bevrijdend werken. Je draagt geen last meer op je schouders en je kunt altijd steun vragen van dierbaren of andere mensen met hiv.

Je draagt met het uitkomen voor je hiv bovendien bij aan een groter doel: meer zichtbaarheid van (leven met) hiv. Meer zichtbaarheid zorgt ervoor dat de oude beelden en denkwijzen uit de samenleving vervangen worden door een up-to-date beeld. Dit zorgt voor minder stigma en onwetendheid over (mensen die leven met) hiv, waar jezelf ook profijt van hebt.

Hier enkele tips & tricks om met hiv uit de kast te komen:

Neem je tijd
Alleen jij weet of, en zo ja wanneer, je tegen je familie, vriend(in) of partner wil vertellen dat je hiv hebt. Neem geen overhaaste beslissing, laat je zeker niet dwingen en neem je tijd.

Maar wacht niet te lang
Als je hebt besloten uit de kast te komen, is het zaak niet te lang te wachten. Van uitstel komt vaak afstel. Hoe langer je wacht, hoe meer je er tegenop gaat zien. Vertel het eerst aan iemand die je vertrouwt. Daarna gaat het vaak steeds makkelijker.

Bereid je goed voor
Je weet dat je hiv hebt en je struint het internet af op zoek naar informatie over de behandeling en leven met hiv. Je praat met je internist en misschien heb je een vriend(in) met hiv, die je meer kan vertellen over hoe leven met hiv nu is. Deze informatie en ervaringen kun je gebruiken wanneer je besluit het te delen met anderen. Mochten er vragen komen, dan kun je deze goed beantwoorden.

Laat je verrassen
Je hebt een tijd en locatie uitgezocht waarop je het iemand wilt vertellen. In je hoofd heb je het misschien meerdere keren geoefend. En dan zit je bij je moeder aan tafel en begint ze over hoe erg het is met die kindjes in Afrika die hiv hebben. Misschien niet het gesprek wat je in gedachten had, maar waarom je niet laten verrassen? Het gaat nooit zoals je van tevoren denkt of plant.

Zorg voor back-up
Vertellen dat je hiv hebt, kan mee- of tegenvallen. Hoe dan ook: je hebt daarna waarschijnlijk behoefte om er met iemand over te praten. Zorg dat je altijd bij iemand terecht kan om uit te huilen, opgelucht te zijn of af te reageren.

Eenmaal verteld…
Je besluit te vertellen dat je hiv hebt en zegt tegen de persoon in kwestie: ‘…maar je moet het wel voor je houden’. Om maar meteen met de deur in huis te vallen: dit kun je van niemand vragen of verwachten. Horen dat een goede vriend of je kind hiv heeft, is in de meeste gevallen nog steeds iets wat hij of zij wil delen met een ander. Realiseer je goed: eenmaal verteld is het uit je handen.

Wees reëel
Soms kun je denken dat iedereen het mag weten, inclusief je buren of je dementerende tante in het verpleegtehuis. Neem dan even adem en vraag je af: waarom wil ik dat deze persoon weet van mijn hiv? Wat verwacht je van diegene aan wie je het vertelt? Wat heb ik er aan? Wat hebben zij er aan?

Iedereen reageert anders
Verwacht niet overal en altijd dezelfde reactie van mensen. De één neemt het lichter op dan de ander. Soms haalt iemand zijn schouders op en een andere keer vraagt iemand je honderduit over je leven met hiv. Een eerste reactie hoeft ook nog niet definitief te zijn: sommigen hebben meer tijd nodig dan anderen.

Houd tissues bij de hand
Misschien denk je dat de ander je begint te troosten zodra je vertelt dat je hiv hebt. En al zit je daar niet altijd op te wachten: het gebeurt. Maar het kan ook zijn dat een vriend(in) begint te huilen en getroost moet worden door jou. Hou hier rekening mee!

Leef je in
Jij hebt al een tijd gewend kunnen raken aan het feit dat je hiv hebt. De mensen aan wie je het vertelt, horen het voor het eerst. Hoe zou jij reageren op dergelijk nieuws van een goede vriend? Zou je eerst wat tijd nodig hebben om het op je in te laten werken?

Het wordt beter
Vaak zijn onze negatieve gedachten onze ergste vijand. Misschien ben je bang dat je leven gaat veranderen of vrees je de reacties van anderen. De ervaring van het grootste deel van mensen met hiv is dat je veel positieve reacties, steun en waardering krijgt als je uit de kast komt met hiv.

Tenslotte
Er is geen recept voor het uit de kast te komen. Elke keer is weer anders. Weet dat ervaring rijker maakt. Trust your instinct, not your fears.

Servicepunt 

Wil je met iemand praten die ervaring heeft met het uit de kast komen met hiv? Bel dan eens met het Servicepunt van de Hiv Vereniging: (020) 689 25 77 – bereikbaar op ma, di en do van 14 – 22 uur.

Op de Sites & Services pagina vind je meer informatie over organisaties, websites en activiteiten die mogelijk van belang kunnen zijn voor jou of iemand uit je omgeving.

Een goede vriend(in), familielid of je partner vertelt dat hij of zij hiv heeft. Vaak is zo’n boodschap een complete verrassing en weet je misschien niet zo goed wat te zeggen. Dat is heel normaal wanneer je hoort dat iemand om wie je geeft hiv heeft.

Hier enkele tips over wat je wel en niet moet zeggen in zo’n geval:

Zeg niet: ‘Heb je je lesje nou geleerd?’
Een dergelijke reactie is de reden dat veel mensen niet durven te vertellen dat ze hiv hebben. Het krijgen van hiv is geen straf voor ‘onverantwoordelijk gedrag’. Niemand verdient het om hierop afgerekend te worden.

Zeg wel: ‘Hoe gaat het ermee?’
Dit geeft iemand de kans om zijn of haar gevoelens met je te delen. Het is een kans om erachter te komen of iemand zich schaamt of niet en of er sprake is van zelfstigma. Je kunt zeggen dat je er altijd voor hem of haar zult zijn.

Zeg niet: ‘Van wie heb je het?’
De kans is erg groot dat hij of zij hiv via seks heeft opgelopen. Het is ongepast om te vragen naar de details. Die geeft de persoon in kwestie misschien zelf wel als hij of zij je vertrouwt.

Zeg wel: ‘Hoe lang zit je hier al mee?’
Op deze manier kun je erachter komen hoe lang iemand misschien al met een geheim rondloopt en hoeveel mensen diegene in vertrouwen heeft genomen. Je kunt steun bieden door iemand te wijzen op de verschillende mogelijkheden om anderen met hiv te ontmoeten in een stigma-vrije omgeving.

Zeg niet (als iemand een relatie heeft): ‘Heeft je partner ook hiv?’
Deze vraag is niet relevant, omdat je dan iemand vraagt om de hiv-status van een ander prijs te geven. Je maakt dat iemand zich ongemakkelijk voelt, omdat zijn of haar partner misschien wil dat niemand anders weet dat hij of zij hiv (ook) heeft.

Zeg niet: ‘Krijg je nu aids?’
Hiv is inmiddels een chronische aandoening. Dankzij het tijdig beginnen met (hiv-)medicijnen hebben mensen met hiv een normale levensverwachting. Hiv is het virus, aids is de laatste fase van een onbehandelde hiv-infectie. Als iemand er op tijd bij is, hoeft hij geen aids te krijgen.

Zeg wel: ‘Hoe gaat het met je hiv-behandeling?’
Tegenwoordig is het advies om na het krijgen van een hiv-diagnose meteen te beginnen met de behandeling. Misschien is iemand net begonnen en voelt hij of zij zich nog onzeker over hoe het verder gaat. Je kunt hem of haar ondersteunen door te luisteren en te adviseren om met anderen die al langer hiv-medicijnen nemen te gaan praten.

(Bron: Hiv Equal)

Op de Sites & Services pagina je meer informatie over organisaties, websites en activiteiten die mogelijk van belang kunnen zijn voor jou of iemand die je kent met hiv.